|
Onderstaand
vindt u meer informatie over de opleiding tot privaat piloot. Deze
tekst is geschreven door de Royal Antwerp Aviation Club (RAAC),
een vliegclub gevestigd op de luchthaven van Antwerpen.
1.
Medisch onderzoek
Binnen
de zes maanden na de start van je praktijkopleiding Privaat Piloot,
dien je een medisch onderzoek te ondergaan bij het Ministerie van
Volksgezondheid. Het officiële aanvraagformulier voor dat onderzoek
kan je in het clublokaal bekomen. De vereiste vergoeding voor dat
basisonderzoek wordt je meegedeeld bij de uitnodiging voor het geneeskundig
onderzoek (Voor 2002 bedroeg die vergoeding 195.86 EUR).
Een
gemiddeld gezond persoon mag normaal geen problemen ondervinden
bij deze keuring. Het dragen van een bril is in de meeste gevallen
geen belemmering.
De
resultaten van het medisch onderzoek worden rechtstreeks doorgestuurd
naar het Federaal Ministerie van Verkeer, Bestuur van de Luchtvaart.
Na een poosje krijg je dan een briefje met de uitnodiging langs
te komen met:
bewijs
van overschrijving voor de kosten van vliegboek (25 EUR) en uitreiking
van oefenvergunning (75 EUR), in totaal dus 100 EUR;
twee pasfoto's;
Recent bewijs van goed gedrag en zeden (voor openbare doeleinden).
2.
De opleiding zelf
2.1
Algemeen
Je mag meteen starten met de praktijkopleiding. Een voorafgaande
theoretische opleiding of voorafgaand theoretisch examen is niet
vereist.
Toch
is het aan te raden de theorie-opleiding parallel met de praktijkopleiding
te verwerken. Dat kan bij bepaalde oefeningen veel tijdswinst opleveren
(b.v. navigatie-oefeningen).
De
wet schrijft wel voor dat men EERST voor het THEORETISCH eindexamen
moet geslaagd zijn, alvorens men het PRAKTISCH eindexamen mag afleggen.
Om niet nutteloos tijd te verspillen, is het dus aangewezen te anticiperen
wat de theorie betreft.
2.2.
De theoretische opleiding
Eén keer per jaar organiseert de R.A.A.C. een theoretische
kursus privaat piloot. Die is voor iedereen toegankelijk. De cursus
start in de maand oktober en wordt doorgaans gegeven op dinsdag-
en donderdagavond. Na de kursus worden nog proefexamens in klasverband
opgelost. Er zijn onderbrekingen in het lessenprogramma tijdens
de schoolvakanties. Het einde van de theoretische opleiding is voorzien
tegen het einde van de maand april.
Het
THEORETISCH eindexamen kan men op afspraak afleggen bij het Ministerie
van Verkeerswezen, Bestuur van de Luchtvaart. De examens worden
doorgaans georganiseerd op woensdagnamiddag. Examengeld, te storten
ten voordele van het Ministerie, Bestuur van de Luchtvaart: 75 EUR.
De
theorie op het niveau privaat piloot is helemaal niet moeilijk.
Veel wiskunde komt er zeker niet aan te pas. Onze lesgevers hebben
bovendien een ruime ervaring in het voorbereiden van leerlingen
op het eindexamen. Er worden basisbegrippen aangeleerd van de verschillende
elementen waarmee men in de luchtvaart geconfronteerd wordt: navigatie,
reglementen, weerkunde en techniek.
2.3.
De praktische opleiding
Voor de praktische opleiding stelt de R.A.A.C. vliegtuigen van het
type Cessna 150 en 152 ter beschikking van haar leden. De leden
hebben een volledig vrije keuze uit een twaalftal vluchtonderrichters,
die door de beheerraad gemachtigd zijn om op de clubvliegtuigen
les te geven.
2.4.
De vliegtuigen
Een Cessna 150/152 is een éénmotorig schroefvliegtuig
dat plaats biedt aan twee personen, zij-aan-zij. De degelijkheid
van dit type toestellen wordt reeds jarenlang geapprecieerd door
alle grote vliegscholen in de hele wereld.
Deze lesvliegtuigen zijn voorzien van een zuigermotor van 100/110
PK. De kruissnelheid bedraagt circa 160 km/uur, de reikwijdte circa
600 km. In de cockpit vind je, naast de klassieke boordinstrumenten
(snelheidsmeter, hoogtemeter, variometer, gyroskopisch kompas, enz.)
een 760 kanalen communicatie-radio, navigatie-instrumenten, een
intercom en een transponder. Twee clubbeheerders hebben de opdracht
nauwkeurig toe te zien op de goede staat van de vliegtuigen en de
verplichte onderhoudsbeurten.
De
club beschikt verder over twee reisvliegtuigen: een Cessna 172R:
een hoogvleugel-vierzitter met vast onderstel en een vaste schroef,
intercom voor de vier inzittenden, snelheid 200 km/uur, reikwijdte
circa 1000km, en een Piper Warrior: een laagvleugel-vierzitter met
dezelfde technische specificaties en voorzien van alle comfort.
Al
de clubvliegtuigen hebben een landingsabonnement voor de luchthaven
van Antwerpen, zodat er op de thuisbasis geen landingsgelden moeten
betaald worden. De vliegtuigen zijn omnium verzekerd bij Aviabel,
(met een franchise), inclusief verzekering voor de passagiers en
schade aan niet vervoerde derden. De verzekering van lichamelijk
letsel van de piloot laat de R.A.A.C. over aan het initiatief van
de piloot zelf.
De
verhuurprijs voor 2002, brandstof inbegrepen
- C
150/152: 1.29 EUR en 1.44 EUR per minuut
- C
172 en Piper Warrior: 1.86 EUR per minuut
- Op
het einde van elke maand wordt een afrekening ter betaling opgestuurd.
2.5.
De instructeurs
De club beschikt over een twaalftal officieel gekwalificeerde vluchtonderrichters
die van de beheerraad de toestemming krijgen om op de clubtoestellen
les te geven. Op die wijze kan de beheerraad toezien op de kwaliteit
en de discipline bij het gegeven onderricht. Eén keer per
trimester vindt een coördinatievergadering plaats tussen de
beheerders en alle instructeurs, om een goede samenwerking te bestendigen.
Je kiest volledig vrij een instructeur uit de clublijst. Afspraken
worden rechtstreeks met de instructeur gemaakt. Bij eventuele twijfels
staan de beheerders klaar om raad te geven of te helpen.
2.6.
Het opleidingsprogramma
Het gevolgde praktijkopleidingsprogramma is voorgeschreven door
het Bestuur van de Luchtvaart. De disciplines die je, door oefening,
vlot onder de knie moet krijgen: rechtdoor vliegen, klimmen, dalen,
bochten maken, opstijgen en landen, steile bochten maken (45°
helling), nauwkeurigheidslandingen, noodlandingen, navigatievluchten
naar andere vliegvelden, enz. Tijdens de opleiding zal de instructeur
je regelmatig solo de lucht insturen om bepaalde disciplines alleen
aan boord te oefenen. Hoogtepunt is echter wel: DE EERSTE SOLOVLUCHT:
2 à 3 circuits alleen aan boord, onder toezicht van de instructeur.
Ook
een minimum opleiding in instrumentvliegen is voorzien, die bestaat
uit een 5-tal uren in de vluchtnabootser (ongeveer 50 EUR/uur)en
een vijftal uren oefening in het vliegtuig. Deze basiskennis van
blindvliegen dient om je uit de slag te kunnen trekken mocht je
onverwachts in slecht weer terechtkomen.
Het
is onmogelijk vooraf een juist aantal vlieguren op te geven die
je nodig zal hebben om de volledige training af te werken. Dat hangt
o.a. af van de intensiteit van je training, jouw vaardigheid, enz.
De gemiddelde leerling heeft 70 à 80 uren gevlogen, zowel
in solo als in dubbele besturing alvorens het praktische eindexamen
af te leggen met een examinator, aangeduid door het Bestuur van
de Luchtvaart. Inschrijvingsgeld, voor het praktijkexamen, te storten
ten voordele van het Ministerie van Verkeer, Bestuur van de Luchtvaart:
150 EUR.
3.
Wat mag je met je vergunning van privaat piloot doen?
Met je zopas behaalde vergunning van privaat piloot mag je, onbezoldigd,
met passagiers vliegen. Ook mag je zweefvliegtuigen optrekken, uiteraard
na een korte opleiding. Voor elk type vliegtuig waarmee je wenst
te vliegen, dien je vooraf even met een instructeur te vliegen om
je erop te laten "lossen". Dat kan zelfs met een Boeing
747 zijn, voor zover het maar geen commerciële activiteit betreft!
4.
Nabeschouwingen
Volgens haar statuten, opgemaakt in 1927 door JAN OLIESLAGERS, de
stichtend Voorzitter van onze vereniging, is het doel van de R.A.A.C.
"mensen die de luchtvaart als hobby of als beroep uitoefenen,
samen te brengen".
Voor
velen geeft deze hobby een gevoel van romantiek: unieke wolkenvormen,
kleurrijke zonsondergangen boven het water, prachtige panorama's
enz. Voor anderen is het een beetje reizen, wat dan dadelijk een
vakantiesfeer oproept. Sommige leden gebruiken het vliegtuig als
beroepsmatig vervoermiddel of hebben van hun hobby hun beroep kunnen
maken. Voor allen blijft het een mooie combinatie van vaardigheid,
esthetiek en techniek.
Buiten
de opleidingsmogelijkheden, biedt de club nog tal van socio-cultureleactiviteiten
aan: bezoeken aan luchtvaartgerichte instellingen (luchtverkeersleiding
Zaventem, vluchtnabootsers, enz.). In het gezellige clublokaal kunnen
tussen pot en pint ervaringen uitgewisseld worden met andere leden-piloten
van alle categorieën: weekendpiloten, jachtpiloten, militaire
transportpiloten, zweefvliegpiloten, lijnpiloten, instructeurs,
toogpiloten, ballonvaarders, enz.
Door
de theoretische kursus in klasverband te volgen, is reeds de moeilijkste
stap gezet naar een hobby voor velen en misschien een beroep voor
sommigen: de drempel overschrijden om te leren VLIEGEN !
|